Topcompetitie

“Vorm kan altijd beter, maar lichamelijk ben ik weer helemaal in orde.”

13 april 2019

Wie aan Arvid de Kleijn denkt, denkt ook meteen aan de verschillende overwinningen. Zo won hij de Antwerpse Havenpijl en de Sluitingsprijs Putte-Kapellen. Hij won ritten in Loire et Cher en in de Ronde van Normandië. In Nederland komt hij tot nu toe niet verder dan ereplaatsen. Al heeft hij natuurlijk al tal van criteriums op zijn naam geschreven.

Wat niet veel mensen weten is dat hij al meer dan 1800 dagen geen klassieker heeft gewonnen in Nederland en dat terwijl de 25-jarige renner toch elke keer wat overwinningen bij elkaar weet te fietsen. “Daar moeten we dit jaar maar eens verandering in brengen”, legt De Kleijn ons uit. Ook dit jaar mocht hij nog niet juichen op Nederlandse bodem. In de Craft Ster van Zwolle werd hij vierde en in de Ronde van Groningen mocht hij als derde het podium op. Komende zondag hoopt hij dan eindelijk weer een keer te kunnen winnen. De sprinter start dan namelijk in de Omloop van de Glazen Stad en juist dat is een koers waar het dikwijls op een sprint uitdraait. (Vorig jaar won Dion Beukeboom solo, maar dat hij een jagend peloton voor kan blijven is bekend).

De grootste concurrenten zoekt De Kleijn dan ook in zijn collega-sprinter. “Coen Vermeltfoort is natuurlijk de topfavoriet, hij is topvorm. Ook Bas van der Kooij kan hier natuurlijk winnen. Hij komt uit de buurt en kent elke bocht en weet precies waar hij moet rijden.” Als Vermeltfoort wint zou het de tweede keer zijn, hij won in 2015. Bas van der Kooij werd vorig jaar tweede.

Volgens De Kleijn zijn zij zeker niet de enige favorieten. “Het is ook even afwachten wie er bij HSK Trias rijden, die hebben met Kreder, Looij en Ariesen natuurlijk sterke mannen.” Daarnaast is het volgens de sprinter van Metec-TKH afwachten wat de wind doet. “Als het gesloten blijft kan het best nog eens een andere sprint worden. Iedereen is dan nog fris dus dan doen er veel mannen mee om de zege.” Bang om risico te nemen is De Kleijn niet. “Natuurlijk denk je alvast aan Loire et Cher, die woensdag begint, maar zodra het een massasprint wordt doe ik net zo hard mijn ogen dicht als ik in Normandië heb gedaan.”

Scoren in de UCI-koersen

Het woord Normandië is gevallen. Terwijl De Kleijn in de auto zit vertelt hij honderduit over zijn eerste rittenkoers van het jaar. “Je kan wel zeggen dat het goed ging”, zegt hij bescheiden. Wie de uitslagen van die week erbij pakt vraagt zich af waarom De Kleijn dat rondje niet op zijn naam wist te schrijven. Hij won een rit, werd vierde, drie keer vijfde en achtste en negende. Een prima score voor een weekje in Normandië. Toch was hij in het eindklassement tweede, achter de Noor Ole Forfang. Die kwam in de vierde rit solo over de streep.

De Nederlandse koersen waren dan ook meteen vergeten toen hij in Elbeuf-sur-Seine zijn handen omhoog mocht steken. “Ach die podiumplek in Groningen en de vierde plek in De Ster waren nou niet echt resultaten waar ik ontevreden mee was. Het bewees gewoon dat ik weer mee doe en daar ben ik erg blij mee. Je kan dus zeker niet zeggen dat ik niet goed begonnen ben.”

Die bevestiging had De Kleijn zeker even nodig, want in 2018 kwam hij eigenlijk niet aan koersen toe. Zijn knie werkt niet mee en in april ging hij onder het mes. Het duurde lang voordat hij weer kon koersen en pas in september kon hij weer een rugnummer opspelden. Hij werd tiende in Trynwalden, won het Criterium van Hank en reed naar een derde plaats in de Omloop van Midden Brabant. Met de Gooiske Pijl en de Tacx Pro Classic reed hij ook nog twee UCI-koersen.

Door zijn prestaties in het najaar kon hij met een beter gevoel de winter in. De afgelopen maand laat hij zien dat hij die winter goed verteerd heeft. De Kleijn hoopt in de Glazen Stad dan ook weer mee te doen om de overwinning, want in Nederland winnen lijkt hem ook wel wat. Zijn laatste overwinning op Nederlandse bodem, in een klassier, dateert alweer van 30 maart 2014, toen hij de Meeus Race op zijn naam wist te schrijven. In de jaren daarna reed De Kleijn mooie overwinningen bij elkaar, zo won hij Parijs-Tour bij de beloften in 2017 en een jaar later Antwerpse Havenpijl en Sluitingsprijs Putte-Kapellen.

Weer terug

Na zijn knieproblemen lijkt de renner uit het Gelderse Herveld weer helemaal terug. “Ik zit er dicht tegenaan. Wat betreft vorm kan het altijd beter. Een renner is pas tevreden over zijn vorm als hij alles wint. Lichamelijk ben ik nu nagenoeg 100%.” Zijn prestaties in Normandië waren daar ook zeker een bewijs van. “Als je zeven dagen kan koersen, elke dag toptien rijdt en je wordt tweede in het algemeen klassement en je wint een rit, dan kan je niet zeggen dat je het lichamelijk moeilijk hebt. Ik denk dat ik mij zelfs beter voel dan toen ik eraan begon, dus dat is een goed vooruitzicht.”

Zondag rijdt hij de Glazen Stad om daarna, op woensdag, in de Tour Loire et Cher te starten, een koers waar hij in 2017 al een rit wist te winnen. “Eigenlijk wil ik daar nog wel een rit winnen”, vertelt De Kleijn over zijn ambities. “Als ik daar zoals in Normandië kan rijden zou dat voor mij fantastisch zijn. Ik hoop gewoon dat ik goed in conditie ben en ik van daaruit kan kijken hoe het gaat. Het moet weer op zijn plaats vallen en ik hoop dat ik goed genoeg ben om een rit te winnen.”

Na Loire et Cher rijdt hij op 4 mei de Ronde van Overijssel en een dag later de Ton Dolmans Trofee, de volgende koers in de Topcompetitie. “Ik ben ook wel benieuwd wat ik daar kan, ik werd in 2017 8e dus wie weet kan het dit jaar nog beter.”



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren