Topcompetitie

Robin Löwik laat eetstoornis en slecht imago achter zich en hoopt op een kans.

28 augustus 2019

In de afgelopen jaren ging Robin Löwik door een lastige periode. De renner uit Vriezenveen kwam de grenzen van zichzelf meermaals tegen, ontwikkelde een eetstoornis en kwam in het peloton bekend te staan als een moeilijke jongen. Met hulp van mensen om hem heen krabbelde hij op, met een gouden medaille op het NK als absoluut hoogtepunt. Een openhartig interview.

De teller van Robin Löwik staat dit jaar op zes overwinningen. Toch zag het er aan het begin van het seizoen niet naar uit dat de renner van Allinq-Krush-IJsselstreek CT dit jaar op de toppen van zijn kunnen zou gaan presteren.

Eetstoornis

“Ik zag het dit jaar totaal niet aankomen eigenlijk,” is Löwik eerlijk. “Ik ben er niet heel open over geweest, maar ik heb de afgelopen jaren een beetje last gehad met mijzelf, lichamelijk. Twee à drie jaar geleden heb ik een eetstoornis ontwikkeld. Ik was heel erg geobsedeerd bezig met mijn lichaam en met mijn voeding, waardoor ik ondergewicht heb gehad. Aan het einde van het seizoen was ik gewoon veel te licht.”

De eetstoornis en de gevolgen ervan bereikte afgelopen winter een dieptepunt. “Het begon vorig jaar rond deze tijd eigenlijk, maar daarna ben ik in de winter helemaal ingekakt. Ik ben behoorlijk overtraind geraakt door alle wedstrijden en trainingen die ik toch nog reed. Dat is gewoon gekomen doordat ik zo ben gaan stunten met mijn gezondheid.”

“Daardoor kwam ik heel moeilijk uit de winter. Toen heb ik met mijn ploeg ook afgesproken dat het hem dit jaar misschien niet ging worden. ‘Probeer maar gewoon te trainen en te koersen,’ zeiden ze tegen me. Dat ging in het voorjaar niet heel goed. Trainingen en wedstrijden gingen niet echt super.”

Opkrabbelen

Een oude bekende reikte Robin Löwik in het voorjaar de helpende hand. “Toen ben ik bij een coach gekomen, via mijn sportarts Guido Vroemen. Remco Grasman, de tijdrijder, die werkt daar sinds vorig jaar. Ik ken Remco ook al een aantal jaren. Het is echt een hele goeie gast om mee te praten. Ik kwam bij hem met de klachten dat ik overtraind was . Ik heb een onderzoek gehad, met bloedtesten. In maart was de overtraindheid een beetje weg. Er zat nog wel wat vermoeidheid in het bloed, maar de waardes waren wel goed. Ze zeiden: ‘nou, als je dit kan, dan ben je niet meer overtraind’. Toen kon ik eindelijk weer goed gaan trainen.”

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Samen met de coach/brommer🔥 warming up! #timetrial #cycling @grasaero_

Een bericht gedeeld door Robin Lowik (@robinlowik) op

Het sein stond weer op groen, maar de twijfels verdwenen niet direct. “Ik was heel onzeker. Was ik wel goed hersteld. Ik durfde niet meer echt te gaan trainen. Daarvoor trainde ik mezelf ook. Toen kwam Remco en die zei: ‘als je onzeker bent, ik werk nu bij Guido en ik wil je wel helpen’.” Het klikte bijzonder goed tussen de twee hardrijders. “Het bevalt me zo goed. Het contact en het vertrouwen dat hij me geeft. Als het een keer niet goed gaat, stelt hij me gerust door te zeggen dat het morgen wel weer goed komt of dat het er bij hoort.”

Een eetstoornis is echter niet niets. “Ik denk ook niet dat het helemaal weg gaat. Ik ben best wel veel met voeding bezig. Ik denk constant ‘wat ga ik nu eten, wanneer ga ik weer eten’ of ‘ik moet wel goed trainen om daarna te kunnen eten’. Dat blijft nog wel een obsessie. Ik zit wel op het goede gewicht nu. Ik eet nu ook af en toe wat ongezondere dingen, wat ik normaal niet zou doen. Dat geef ik mezelf wel toe. Ik heb ook extreme eetbuien gehad, dat ik daarna moest braken. Dat heb ik nu wel onder controle. Daaraan merk ik wel dat ik heel goed bezig ben.”

Saillant detaill: Robin Löwik deed zelf een opleiding in voeding en diëtiek. “Dat is heel gek ja. Ik ben ook personal trainer geweest. Ik kan heel goed mensen vertellen hoe het wél moet. Bijvoorbeeld dat mensen op bepaalde tijden meer moeten eten, terwijl ze al overgewicht hebben. Ze moeten dan meer eten om hun vetverbranding te stimuleren. Maar zelf… Het is heel moeilijk uit te leggen. Ik kan het heel goed vertellen, maar bij mijzelf gaat het ook niet altijd goed.”

Oorzaak eetstoornis in pesterijen

Waar veel wielrenners en wielrensters tegen het obsessieve aan met hun gewicht bezig zijn om beter bergop te kunnen rijden of in het ideale plaatje van zichzelf of een ploeg te passen, lag de oorzaak bij Löwik ergens anders. “Ik deed het niet om in het wielrennen beter te worden. Dat is het gekke juist. Ik ben vroeger best veel gepest op school. Sindsdien wil ik eigenlijk altijd perfect zijn voor anderen. Ik wil er goed uitzien, ik wil aardig gevonden worden. Dat kan nog wel eens fout uitlopen, waardoor ik dus zo met mijn gewicht bezig was. Ik ging er echt niet harder van fietsen, alleen maar langzamer uiteindelijk. Mijn spiermassa nam af. Ik zag pas weer foto’s van die tijd. Dat zag er niet mooi uit.”

Eindelijk weer topvorm

Langzaam wist de 24-jarige Vriezenveener uit het dal te kruipen. Aan het begin van de zomer voelde hij zich weer echt lekker op de fiets. “In de weken voor het NK ging het al heel goed. Dat was een periode waarin ik weer goed begon te herstellen van trainingen en wedstrijden. Ik won het eindklassement in het Wielerweekend Roden. Toen reed ik in mijn eentje twee minuten dicht naar de kopgroep in de laatste etappe. Toen was wel duidelijk dat ik in orde was. Een paar dagen later werd ik tweede in de Tacx Tijdrit Emmen. Toen dacht ik echt: ‘Wow, wat is dit joh? Ik voel me echt goed!’.

Robin Löwik op het hoogste treetje van het podium na het Wielerweekend Roden.

Winst NK

Een week daarna reed ik het NK. Ik zat in elke kopgroep mee. Ik had al bedacht dat het beste scenario om een goede klassering te halen of misschien zelfs te winnen was om in de laatste drie ronden weg te rijden. Dan rijd je ongeveer 25 kilometer alleen. Dat lukte ook echt. Ik kreeg een iemand mee, maar ik zag dat hij niet overnam of als hij overnam, dat het tempo zakte.”

Löwik reed bij zijn medevluchter weg en kwam solo aan in Dongen. Het maakte heel wat los. “Ja, heel veel. Echt bizar na wat er de afgelopen tijd allemaal is gebeurd. Ik kreeg ook heel veel berichtjes van ‘het is je gegund’ en zo, na zoveel werken en wat ik mee heb gemaakt. Nog nooit zoveel reacties op iets gehad.”

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

No more Words needed! DUTCH CHAMPION 🇳🇱🇳🇱🇳🇱🇳🇱🏆🏆🏆🏆🏆🏆🏆🏆🏆😃😃😃😃 kan het niet bevatten……

Een bericht gedeeld door Robin Lowik (@robinlowik) op

Ook in de tijdritten in de Nederlandse Loterij Topcompetitie ging het buitengewoon goed. “De tijdritten waren niet eens een speciaal doel. Ik train niet echt op tijdritten. Ik zit niet zovaak op die fiets. Maar ik heb een behoorlijk goed vermogen op mijn omslagpunt. Dat kan ik heel lang volhouden.” Die kwaliteit hoopt hij nog altijd verder te kunnen benutten. “Ik denk dat het goed is dat ik heel allround ben. Ik kan goed tijdrijden. Heuvel op gaat ook goed. In de waaiers sta ik ook mijn mannetje. Dat is goed als je een stap wilt maken, denk ik.”

Löwik werkt aan zichzelf na aanvaring met zichzelf en Vlasman CT

Die stap dat is waar Löwik nog altijd van droomt. Hij mocht er al eens aan ruiken bij Vlasman Cycling Team. Dat avontuur eindigde echter alweer na een jaar. “Ik vond het eerst niet leuk. Je wilt natuurlijk vooruit blijven gaan, maar het moest gewoon even. Achteraf is dat goed bevallen en ben ik fantastisch opgevangen door De IJsselstreek. Met name de ploegleider, Marc Zonnebelt, heeft me heel goed geholpen. Ik heb een speciale band met Marc. Ik kan nu ook weer vooruit kijken.”

Het feit dat Robin Löwik weg moest bij Vlasman had niet te maken met zijn fysieke prestaties. “Ik was wel iemand met een handleiding, zeg maar. Ik ben een beetje autistisch. Het botste nog wel eens tussen mij en de ploegleider. Achteraf kan ik nu wel inzien wat ik zelf fout heb gedaan. Het heeft me ook echt wel de ogen open gedaan. Qua mens ben ik de afgelopen tijd ook wel echt veranderd. Ik had er best wel veel last van, van mijn autisme. Ik heb veel mentale training gehad.”

Het beeld van een lastige jongen met een handleiding zou een terugkeer op een hoger niveau niet makkelijker maken, zo voelt hij. “Dat is misschien we de reden dat ik nu best wel moeilijk een ploeg kan vinden,” klinkt het. “Omdat ze misschien nog denken dat ik best wel moeilijk ben. Dat is wel lastig. Aan de andere kant hoor ik ook van heel veel mensen dat ik echt veranderd ben. Dat doet me echt wel goed.”

De benen spreken

Solliciteren naar de kans oprevanche deed Robin Löwik dit jaar in ieder geval nadrukkelijk. “Ik denk dat de ploegen inmiddels wel weten dat ik graag de stap terug zou maken,” is hij overtuigd. “Ik hoop dat er bij die ploegen mensen zijn die geloven dat ik als persoon veranderd ben en dat er nog heel veel groei in mij zit. Ik ben een laatbloeier. Mijn coach zei ook: ‘Je trapt de waardes van een prof weg. Als er maar één iemand tussen zit die jou die kans geeft, dan kan dat ook nog groeien.’.”

 

Tekst: Mark van der Linden
Beeld: Leon van Bon & archief Robin Löwik



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren