Topcompetitie

“Ik denk dat ze nu wel weten dat ik een beetje kan sprinten”

17 mei 2019

Het waren heftige weken voor de mannen van Alecto Cycling Team. Het verlies van Robbert de Greef hakte erin en de meeste renners hadden moeite hun hoofd bij het koersen te krijgen. Afgelopen weekend lieten de mannen van de Brabantse formatie zich weer zien. In de PWZ Zuidenveld Tour eindigde drie man bij de eerste elf en een dag later werd Marco Doets derde in GP Maarten Wynants. In de Kempen gaan ze opnieuw voor succes en met Daan van Sintmaartensdijk hebben ze de titelverdediger in hun rangen.

“Het waren rare weken”, vertelt Daan van Sintmaartensdijk. Het is niet gek dat de renners van Alecto de afgelopen weken niet met hun hoofd bij het koersen waren. Amper twee weken geleden was de uitvaart van Robbert de Greef en leefde de wielerwereld met hun mee. “Het was een mooie dienst”, vertelt Van Sintmaartensdijk. “Het was ontzettend druk en het maakte veel indruk.” In de dagen erna merkte de winnaar van de SIMAC Omloop der Kempen 2018 dat het mentaal met iedereen beter ging. “De dagen voor de uitvaart, zoals in de Ton Dolmans Trofee, had niemand echt zin om te koersen. Het voelde als een verplicht nummertje.”

“Vorige weekend was het weer een stuk beter. We reden als ploeg sterk in de PWZ Zuidenveltour en ik ben zelf ook tevreden over mijn niveau.” Adne Koster werd vierde en Rene Hooghiemster werd vijfde, mooie uitslagen voor een ploeg die het de weken ervoor ontzettend zwaar heeft gehad. De 20-jarige Van Sintmaartensdijk reed de koers niet uit, maar kan er toch met een goed gevoel op terugkijken. “Ik reed lek op de laatste kasseienstrook, maar ik ben wel met een goed gevoel weggegaan.”

Een dag later reed Van Sintmaartensdijk de Trofee Maarten Wynants, een Belgische kermiskoers. Taco van der Hoorn won en Alecto-renner Marco Doets werd derde. “Ik merkte toen wel dat ik de laatste tijd weinig had getraind. Ik merkte dat ik nog niet voldoende herstelde om twee wedstrijden in een weekend te rijden.” Dat weinige trainen kwam niet alleen door de situatie rondom Robbert, maar ook door kleine dingetjes, zo was Van Sintmaartensdijk druk met zijn studie bewegingswetenschappen en eiste dat een hoop energie. “Laatste tijd had ik weinig zin om te gaan trainen. Fysiek was ik goed, maar mentaal niet. Ik ben blij dat het nu weer beter gaat.”

Omloop der Kempen

Nu voelt hij zich weer beter en lijkt hij klaar te zijn voor SIMAC Omloop der Kempen, de koers die hij vorig jaar op zijn naam wist te schrijven.  “Ik heb weer energie en ik stap met veel plezier weer de fiets op. Nu hoop ik rustig stap voor stap op te bouwen om weer in orde te raken”, aldus de titelverdediger

“Wie weet”, zegt Van Sintmaartensdijk over zijn kansen in de Kempen. “Opnieuw winnen moet mogelijk zijn, al moet wel alles meezitten. Ik heb er wel weer echt zin in, dat was de laatste tijd wel anders. Ik denk dat als het tussen mijn oren goed zit, ik heel ver kan komen.” Het moet in ieder geval een speciale koers gaan worden voor de 20-jarige Alecto-renner.  “Overkomt mij niet heel vaak, dat ik als oud-winnaar aan de start verschijn. ”

Rare koers

Wie het hoogteprofiel van de Omloop der Kempen ziet denkt meteen aan een ideale koers voor een massasprint. Het is vlak en de renners rijden vrij beschut door de Kempen heen. Toch is het niet evident dat er in Veldhoven gesprint gaat worden met een grote groep. De afgelopen jaren kwamen er steeds groepjes van 5 à 6 man aan de streep. In 2016 was het tussen Jasper de Laat en Oscar Riesebeek zelfs een sprint à deux. “Niet te vergelijken met een andere koers”, geeft Van Sintmaartensdijk aan. “De Kempen blijft een rare koers. Het draaien en keren is de voornaamste reden dat het niet vaak een massasprint is.”

Ook zijn er kasseien in de SIMAC Omloop der Kempen. Maar als je die vergelijkt met de kasseien in de Braakman is het in De Kempen bijna een asfaltweg. Toch kunnen die stroken volgens Van Sintmaartensdijk altijd belangrijk zijn. “Die paadjes ernaast doen het hem. Je rijdt achter elkaar en de snelheid is niet heel hoog, maar als je eenmaal een gat hebt is het als peloton erachter moeilijk te organiseren. Je kan op de smalle strookje niet makkelijk kop over kop rijden dus is het een goed moment om weg te rijden.”

Wegrijden is volgens Van Sintmaartensdijk de sleutel tot succes. Maar om in de succesvolle vlucht te zitten moet je goed opletten. “Vaak meespringen, dat is de enige manier om in de goede vlucht te komen. Je weet het gewoon echt niet wanneer de goede groep weg zal rijden. Je moet ook zeker een beetje geluk hebben. Je moet hopen dat ze je laten wegrijden.”

“Constant vooraan rijden”, geeft Van Sintmaartensdijk aan. Je hoeft volgens de Alecto-sprinter ook zeker niet bang te zijn om jezelf op te branden door te vroeg in de aanval te gaan. “Het is in de Kempen niet zo dat je opeens veel meer energie verspild als je in de kopgroep zit, daarom loont het om telkens mee te springen.”

Toch zal het dit jaar lastiger worden om in de kopgroep te komen en zomaar naar de streep te rijden. Zijn winst van vorig jaar zorgt ervoor dat de tegenstanders ondertussen wel weten wie Daan van Sintmaartensdijk is. “Dat denk ik ook wel, ze weten nu wel dat ik aardig kan sprinten. Vorig jaar kon ik daar echt wel van profiteren. Toen onderschatte ze mij behoorlijk, dat zal dit jaar niet zo zijn.”

Bang dat niemand met hem naar de streep wil rijden is hij niet. “Wij hebben altijd nog renners achter de hand. Stel dat Coen (Vermeltfoort red.) achter ons zit, dan kan ik daar op gokken. Dan moeten ze kiezen met wie ze gaan sprinten. Met mij of met Coen. Als het puntje bij paaltje komt willen renners vrij vaak toch naar de streep rijden. Dus laten we daarop hopen. Ik voel mij goed en hoop dat ik dit jaar weer een stapje beter ben en ik met de beslissende aanval mee kan gaan.”

 

 

 



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren