Topcompetitie

Lars van den Berg komt graag terug in Tour de l’Avenir

30 augustus 2017

Afgelopen week reed Lars van den Berg in Tour de l’Avenir. De 19-jarige renner van Metec-TKH werd in extremis geselecteerd om met de oranje-ploeg richting Frankrijk te trekken. De negen etappes op het hoogste beloften-niveau waren een mooie leerschool voor de jonge renner. 

“Ik ben goed vermoeid”, vertelt Van den Berg na zijn avontuur in de l’Avenir. “Al gaat het nu wel weer redelijk, ik begin weer goed te herstellen.” De eerste etappes waren wat betreft het parcours niet heel lastig. Maar de oranje-brigade had hun handen vol in de eerste ritten. Meespringen met de vlucht, bidons halen en Fabio Jakobsen ondersteunen in de sprint waren de belangrijkste taken voor de ploeg van Peter Zijerveld. En niet zonder succes, Fabio Jakobsen won na een machtige sprint de tweede rit.

“De winst van Fabio was natuurlijk goed voor het moraal en de sfeer in de ploeg”, zegt Lars van den Berg. “We hebben er daarna nog hard voor gewerkt. Helaas lukte het toen niet meer doordat Fabio een aantal keer ingesloten was en te maken had met pech. Ik denk wel dat hij de snelste was in dit peloton. Het niveau is hier heel hoog en dan wordt pech onmiddellijk afgestraft een foutje zorgt ervoor dat je een keer verliest. Bij andere koersen kan je het soms nog herstellen en de winst uiteindelijk nog pakken.

Hoog niveau

“Het was voor mij de eerste keer dat ik zo door de Alpen moest koersen. Dat was wel erg mooi om mee te maken.” Van den Berg is duidelijk over het hoge niveau wat hij heeft ervaren. “Het was totaal anders dan ik gewend was. Er werd zo ontzettend hard gereden. Ik had nog niet vak meegemaakt dat we etappes met een gemiddelde snelheid van 47 kilometer per uur reden.”

Vooral de echte bergritten waren ontzettend zwaar. “We hadden natuurlijk in de eerste ritten al veel werk gedaan en dan merk je dat je dat tekort komt in de loodzware etappes. Vooral in die laatste etappe heb ik flink afgezien We hadden de Col de la Madelaine en kort daarna weer een behoorlijke klim.”  met een 26e plek in de bergrit naar Sainte-Foy-Tarentais mag Van den Berg zeker tevreden zijn. “Die rit ging inderdaad wel goed. Maar de andere bergritten waren ontzettend zwaar. Heel stiekem had ik er wel meer van gehoopt, maar ik weet ook dat ik niet teleurgesteld mag zijn. Dit smaakt dan ook zeker naar meer, ik heb het nu mogen ervaren en ik kijk er naar uit om volgend jaar opnieuw mee te doen.”

Verrassende selectie

Het was toch een kleine verassing dat Van den Berg mee mocht naar Frankrijk. “Ik hoorde het eigenlijk pas drie dagen van te voren dat ik mee mocht gaan. Ik had daarvoor wel al contact gehad met bondscoach Peter Zijerveld, ik was in beeld, maar eigenlijk toch nog wel te jong om mee te nemen. Twee dagen later belde hij mij op en zij hij dat ik toch nog mee kon. Hartthijs de Vries was ziek geworden dus kon ik als reserve mee naar Frankrijk.”

 

Olympia’s tour

In Olympia’s Tour komt hij zijn gelegenheidsploeggenoten opnieuw tegen, maar dan als tegenstanders. “Dan is Fabio weer een tegenstander”, zegt Van den Berg lachend. “Nee hoor, voor mij persoonlijk niet. Ik ga hem nooit kloppen in de sprint. Dus ik zie hem niet echt als een tegenstander.” Van den Berg hoopt in Olympia’s Tour mee te kunnen doen om de eindzege. “Ik heb ontzettend veel motivatie voor de rit in Limburg, daar kan je een goed klassement neer zetten. Ik hoop echt kort te rijden en in die heuveletappe voor de overwinning te kunnen rijden. Als mijn proloog goed is en ik goed door die vlakke etappes kom is een goed klassement het resultaat daarvan.

 

Marijn

Deze week wer bekend dat zijn broertje Marijn van den Berg volgend jaar ook in het Topcompetitie-peloton zal gaan rijden. De jongere versie van Lars zal volgend jaar uitkomen voor Delta Cycling Rotterdam. Lars van den Berg kijkt er naar uit. “Ik heb daar ontzettend veel zin in om samen met mijn broertje in het peloton te rijden.”

“Ik had eigenlijk gehoopt dat hij naar Metec zou komen, maar hij moet het natuurlijk zelf kiezen en als hij zich bij Delta beter voelt ga ik hem ook zeker niet tegen houden. Nu moet ik ervoor zorgen dat ik harder rijd, anders krijg ik het thuis wel te horen.” Samen hebben ze nog een groter doel. “Over een paar jaar samen in een profploeg, dat kan natuurlijk nog steeds.” Ondanks dat ze niet veel van elkaar schelen zijn het toch andere renners. “Ik ben iets meer een klimmer, hij is meer een explosieve renner die klassiekers aan kan. In sprintjes klopt hij mij, maar als de weg omhoog gaat is hij weer beter.”

 



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren