Topcompetitie

Jelmer Asjes hoopt op een soortgelijk koersverloop als vorig jaar

1 juni 2017

In 2016 kleurde een kopgroep de Ronde van Limburg, naast een aantal continentale renners was ook Jelmer Asjes van WPGA present. Het was voor Asjes niet de eerste keer dat hij op de voorposten in de Limburgse koers mee streed. Naast een aantal topt ien-noteringen reed Asjes in 2011 naar een podiumplek. Op de Adsteeg klopte Asjes Daan Olivier en moest hij Ramon Sinkeldam voor zich laten gaan. De 29-jarige renner kan zich de editie van 2011 nog goed herinneren.

“Ik had ontzettend slechte benen”, aldus Jelmer Asjes over de Ronde van Limburg 2011. “Tot vijftig kilometer dacht ik de hele tijd, dit gaat niks worden vandaag. De grote lus kon ik alleen volgen en pas in de finale kwam ik er doorheen. In de finale herpakte ik mijzelf en op de eerste keer Snijdersberg kwamen we met een grote kopgroep weg te zitten. Met die grote kopgroep moesten we nog twee ronden rijden met daarin de Snijdersberg, Maasberg en de Adsteeg.

Op een van de klimmetjes begon de koers in zijn plooi te vallen. “Ramon Sinkeldam ging aan en alleen Daan Olivier kon volgen. Ik kon niet echt volgen, maar kwam op een gaatje te zitten. Bovenop de berg sloot ik aan en het is tot op de dag van vandaag nog de vraag hoe dat kon. Misschien hebben ze op mij gewacht, of was ik echt in orde. We bleven met zijn drieën bij elkaar en reden samen naar de finish toe. Sinkeldam was verreweg de snelste en maakte het af in de sprint.”

Voor Asjes was dit een hele ontdekking. “Dat was best bijzonder, ik wist tot dan toe niet wat ik kon. Dat was een redelijke openbaring. Ik reed voor de toenmalige Rucanor – Line Lloyd-ploeg, de ploeg van allerlei schoenmerken.” De tweede plaats in de Ronde van Limburg moest een adelbrief worden voor zijn overstap naar de conti’s. “Niet heel lang erna brak ik mijn kaak in de Czech Cycling Tour, ik lag er toen best lang uit. Uiteindelijk kon ik mij in de Eurode Omloop nog goed laten zien en mocht ik in 2012 voor Koga Cycling Team gaan rijden.”

Na een jaar als continentale renner was het voor Asjes alweer tijd voor een stap terug. “Het was geen succes, ik ben niet gemaakt om voor een continentale ploeg te rijden. Ik was blij om weer terug te keren op het oude nest bij Croford. Toen ik bij Koga reed bereikte ik het maximale van wat ik kon. Toen zag ik wel in dat het niet heel veel zin had om echt volledig op het wielrennen te gaan richten. Het plafond was toen wel bereikt. Het was heel simpel, ik was gewoon niet goed genoeg. Als je goed genoeg bent stroom je wel door.”

Toch was 2011 niet het beste jaar voor Asjes. “Als ik er zo op terugkijk is 2014 mijn beste jaar geweest. Ik won een rit in een Franse etappekoers en ik droeg de leiderstrui in Triptique, maar ach, ook toen was ik te oud om nog een stap hogerop te maken.”

Ronde van Limburg
Foto: Leon van Bon

Stoppen of doorgaan

De weg kapitein bij WPGA twijfelt een aantal keer per jaar of hij door moet gaan of juist moet stoppen. “Eigenlijk zou ik drie jaar geleden als stoppen toen ik fulltime ging werken, maar tot mijn verbazing was het nog aardig goed te combineren. Daarna besloot ik dat ik na 2016 zou stoppen, maar na vorig jaar zei mijn ploeggenoot Mike Terpstra dat hij nog een jaar door ging en dat was voor mij de reden om er ook nog een jaar aan vast te plakken. Als hij het kan combineren met een baan en een kind, dan moet ik het met alleen een baan ook wel kunnen combineren”, lacht Jelmer Asjes. “Ik haal vooral energie uit het wielrennen. Zolang ik het zo leuk vind dat ik er energie van krijg moet ik er nog lang mee door gaan.”

Toch slaat de twijfel af en toe top. “Dit jaar heb ik een paar wedtrijden gereden waar ik echt dacht: wat doe ik hier met gevaar voor eigen leven? Dan vraag je je wel af wat je aan het doen bent. Het voelt dan gewoon niet goed. Op zo’n moment rijd ik gewoon mee en hoop ik heel de finish te kunnen halen. Aan de andere kant reed ik vorige week een aantal omloopjes en dan is het plezier snel weer terug.”

“De reden dat ik nog steeds fiets is omdat ik het het mooiste vind wat er is. Niet alleen het fietsen, maar ook het spelletje in koers en het toeleven naar bepaalde koersen. Het is puur plezier, de beste ontspanning. Alles wat ik ervoor moet doen vind ik leuk. Dat is de motivatie. Niet zo zeer dat je nog iets wil bereiken. Het is het mooiste wat er is.”

Ronde van Limburg
Foto: Leon van Bon

Ronde van Limburg

“Ik heb een speciale band met de Ronde van Limburg”, aldus de nummer twee van 2011. “Je moet altijd gaan voor het maximale en dat ga ik dit jaar weer doen. Dat is ook niet zo moeilijk in zo’n mooie koers als de Ronde van Limburg. Het is een echte klassieker. Het heeft allure en er worden mooie klimmen gereden. Het heeft alles wat een klassieker mooi kan maken. Voor mij is de Ronde van Limburg de enige echte heuvelklassieker van Nederland.”

Asjes hoopt op een soortgelijk koersverloop als vorig jaar, toen hij bijna de hele wedstrijd in de kopgroep reed. “Vorig jaar reed ik een fantastische wedstrijd en ik hoop dat dit jaar weer te doen. Alles moet meezitten en die momenten komen niet vaak voor, maar ze zijn er wel. Stiekem durf ik wel aan een goed resultaat te denken, maar het kan ook niks worden.” Ook zijn tweede plek in 2011 geeft hem moed. “Het feit dat ik in 2011 tweede werd met slechte benen betekent dat je in deze koers nooit moet opgeven. Dat geld niet alleen voor mij, maar ook voor mijn ploeggenoten. We starten met een mooie ploeg zondag en ik zou het net zo leuk vinden als er een andere renner in de kopgroep terecht komt. Zoals ik dat vorig jaar deed kan het zo zijn dat een talent uit onze ploeg dat dit jaar zal doen.”

 

 

 



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren