Topcompetitie

Jason van Dalen is terug, maar kan nog beter

13 juni 2017

Afgelopen weekend reed Jason van Dalen zijn eerste UCI-koers na zijn valpartij in de Ronde van Normandië. In de Franse rittenkoers brak de renner van Delta Cycling Rotterdam beide polsen en was hij lange tijd uit de roulatie. Na zijn comeback in de Simac Omloop der Kempen en de Ronde van Limburg startte de 22-jarige renner in de Oberösterreichrundfahrt. En niet zonder succes, in de laatste etappe werd de Westlander 2e in de sprint.

“Het was niet voor niets om zolang in de auto te zitten”, aldus Van Dalen bij terugkomst. De Delta-renner kijkt meer dan tevreden terug op zijn eerste meerdaagse na zijn valpartij. “Het ging een stuk beter dan verwacht. Ik had er niet aan gedacht om podium te gaan rijden. Het was niet zo dat ik de afgelopen weken stil had gezeten, maar ik kwam hier vooral om wat hardheid op te doen.” Volgens Van Dalen is de Oberösterreichrundfahrt daar de perfecte koers voor. “Het is een meerdaagse waarin je extra hardheid kan opdoen. Dat was ook het belangrijkste doel, ik moest koersritme op doen en daar was dit een goede mogelijkheid voor.”

De Oostenrijkse rittenkoers begon met een bijzonder korte etappe van 12,6 kilometer. “Op de eerste dag was er een massastart bergop, het was gewoon een half uur volle bak rijden. Het was zes kilometer klimmen, dan een stuk glooiend en dan weer de laatste kilometer omhoog. Je staat dan met een peloton op hol geslagen stieren aan de start. Zoiets had ik nog nooit meegemaakt. Het was vanaf de eerste kilometer vol gas.” Van Dalen kwam als 39e over de streep.  “Het viel mij niet tegen, maar op een gegeven moment kwam ik wel tekort op de echte klimmers. Ike Groen werd negende en hij was onze man voor het klassement.”

Ook in de rest van de koers konden Van Dalen en zijn ploeggenoten goed mee doen om de overwinning. “Iedere dag reden we voor de dag overwinning en op de laatste dag keken we wie er het beste was. Uiteindelijk was Ike onze man voor het klassement en hij werd zesde in het klassement.”

Geklopt door de beste

In de slotetappe behaalde Van Dalen zijn beste resultaat. “Het begin van de etappe was echt heuvelachtig, noem dat maar gerust klimmen. We moesten een aantal klimmen over en pas in de finale werd het wat vlakker. Alle klimmetjes zaten in de eerste 80 kilometer en de daaropvolgende plaatselijke omlopen waren een stuk makkelijker.” De koers verliep ondanks de beklimmingen als een typische sprintersrit. “De ploeg die aan de leiding stond controleerde de koers en speelde met de kopgroep. Op de plaatselijke omloop zat er nog een klein klimmetje in van 7% gemiddeld. Uiteindelijk was het peloton weer compleet en werd er gesprint om de zege.

“De aankomst was hectisch en smal en in de laatste kilometer zaten nog een aantal verraderlijke bochten. Samen met Daan Meijers sprak ik af dat we vol voor de finale gingen rijden. Als er op de klim werd aangevallen zou Daan daar voor gaan, maar het peloton bleef bij elkaar. Bovenop de klim zei Daan dat hij mij voorin af ging zetten en dan heeft hij perfect gedaan.”

“Ik kon de sprint goed beginnen maar August Jensen was gewoon te sterk. Hij kwam met veel mee snelheid over mij heen en ik kon hem ook niet meer opvangen. Hij ging op het juiste moment met de juiste snelheid aan. Ik heb nog een aantal keer nagedacht waar ik die koers had kunnen winnen, maar het is erg duidelijk. Hij was gewoon beter.” Dat is niet verassend, Jensen weet zich dit jaar ook tussen de profs te handhaven. Al was Van Dalen daar niet van op de hoogte.  “Ik wist tot dit weekend niet eens wie het was, volgens mij zou dat ook in mijn nadeel werken. Als ik hem had opgezocht en gezien had dat hij in de Tour de Fjords tussen de profs altijd toptien rijd heb je de sprint bij voorbaat al verloren.”

Achter Van Dalen sprintte Bas van der Kooij naar een derde plek. Hij is wel een goede bekende van Van Dalen. “Bas rijdt nu voor Destil-Piels, maar daarvoor zijn wij ploeggenoten geweest. Eerst bij Willebrord Wil Vooruit en daarna bij Westland Wil Vooruit. Het is mooi dat ik juist hem klop, want vaak was hij de betere sprinter.”

Op naar het NK

Over twee weken staat het Nederlands Kampioenschap op het programma. Voor Van Dalen wordt het een zware wedstrijd. De 22-jarige renner rijdt dit jaar tussen de Profs.  “Het zou mooi zijn dat ik mijn topvorm haal op het NK, al moet ik bij de profs geen illusies hebben. Als er iets in zit zit het erin. Maar ik zou niet teleurgesteld zijn als ik geen topklassering zou rijden.” Van Dalen voelt zich met de dag beter worden en zijn uitslagen in Oostenrijk geven hem een goede moraal. “Ik ben nog steeds minder in vorm dan in Normandie, maar ik voel mij wel steeds beter worden. Daarnaast heb ik nog echt zin om te koersen. Aan sommige renners merk je dat de zin er vanaf gaat terwijl ik nu juist heel veel zin heb om te koersen.”

“Tot nu toe heb ik altijd mijn NK’s gereden terwijl ik opgebrand was, ik had altijd een volledig voorjaar gereden. Nu voel ik mij een stuk frisser dan in andere jaren rond deze tijd dus ben ik benieuwd wat dat oplevert.”

 

 



Je hebt de top bereikt
onze sponsoren